← Back to stories
Archived#210 January 2026

Net Niet Karmeliet

Belgian TripelOG 1.076FG 1.0099.2% ABV15 IBU4 EBC

Net Niet Karmeliet

Na één mislukte batch vonden we een Tripel Karmeliet-kloon blijkbaar een uitstekend idee 10 januari 2026 — Batch #2 Ons eerste brouwsel was niet helemaal volgens plan gegaan. Eigenlijk hadden we tijdens die eerste poging al voldoende geleerd om te weten dat bierbrouwen misschien iets ingewikkelder was dan water warm maken, graan erin gooien en een paar weken later een fles opentrekken. Een verstandig mens zou na zo’n eerste ervaring waarschijnlijk voor een eenvoudig tweede bier kiezen. Rustig de installatie leren kennen, een paar technieken oefenen en vooral proberen een volledige brouwdag af te werken zonder nieuwe problemen te ontdekken. Wij trokken een andere conclusie: we gingen Tripel Karmeliet klonen. Waar dat vertrouwen precies vandaan kwam, weten we nog steeds niet. Ons ervaringsniveau bestond uit één brouwsel, het aantal volledig geslaagde brouwsels stond op nul en ons ambitieniveau bleek daar totaal niet onder te lijden. Bovendien gingen we niet voor een bier geïnspireerd door Karmeliet. Nee, het moest natuurlijk meteen een echte kloon worden. Dat zachte, kruidige en fruitige karakter, een stevig alcoholpercentage en vooral dat verraderlijk makkelijke doordrinken van een goede Belgische tripel. Ons plan was uitstekend. Onze ervaring iets minder. We vragen het gewoon aan AI Omdat wij zelf nog niet bepaald konden putten uit tientallen jaren brouwervaring, hadden we een digitale assistent die enthousiast met ons meedacht. AI hielp bij het samenstellen van het recept en kwam uiteindelijk ook met een advies voor de gist: White Labs WLP720 Sweet Mead/Wine Yeast. Achteraf gezien hoef je eigenlijk alleen die naam maar rustig te lezen om een vervolgvraag te bedenken. Sweet Mead/Wine Yeast. Wij wilden bier maken. Belgisch bier. Tripel Karmeliet zelfs. Dit was dus een uitstekend moment geweest om te vragen: “Waarom gebruiken we eigenlijk een gist voor mede en wijn?” Die vraag hebben we niet gesteld. Het advies klonk overtuigend, wij waren nog beginnende brouwers en AI wist het allemaal met voldoende zelfvertrouwen te brengen dat wij dachten: zal wel goed zijn. Dus de gist werd geregeld en voorbereid. Daarmee hadden we het eerste interessante besluit van deze batch genomen. Het volgende zouden we helemaal zelf bedenken. Kijk eens hoe mooi hij kookt De brouwdag begon namelijk verrassend goed. Het schroten ging prima, het maischen verliep zonder noemenswaardige problemen en ook het spoelen zag er keurig uit. We begonnen bijna het gevoel te krijgen dat we dit brouwen inmiddels een beetje onder controle hadden. Daarna kwam het wort aan de kook en deden wij het deksel erop. Niet eventjes om sneller op temperatuur te komen. Gewoon tijdens het koken. En daar bleef het. Inmiddels weten we dat er tijdens een stevige kook een paar dingen uit de ketel moeten kunnen verdwijnen. Waterdamp bijvoorbeeld. Destijds hadden we kennelijk een andere visie. Onder het deksel ontstond een prachtig gesloten ecosysteem: water verdampte uit het wort, steeg omhoog, kwam tegen het rvs-deksel, condenseerde en druppelde vervolgens vrolijk weer terug. We hadden onze eigen waterkringloop gebouwd. In een brouwketel. Het enige wat nog ontbrak waren wolken en een weerbericht. En zo stonden wij tevreden naast de ketel terwijl binnenin een soort tropisch regenwoud bezig was ons bier te produceren. Achteraf is het vooral bijzonder dat geen van ons op enig moment dacht: “Zeg… hoort die stoom eigenlijk niet ergens naartoe?” Nee hoor. Hij kookte, dus het ging goed. Het mooiste was dat de cijfers aan het einde ook nog behoorlijk in de buurt kwamen van wat we wilden bereiken. Dat is voor beginnende brouwers levensgevaarlijk. Als je iets verkeerd doet en daarna een compleet verkeerd meetresultaat krijgt, leer je onmiddellijk dat er iets misging. Doe je iets verkeerd en krijg je vervolgens ongeveer het getal waarop je hoopte, dan is de conclusie al snel: zie je wel, wij kunnen dit. Tijd voor onze wijngist om bier te maken Het wort werd gekoeld, ging het vergistingsvat in en onze bijzondere WLP720 mocht aan het werk. De RAPT Pill ging erbij en vanaf dat moment begon het moderne alternatief voor geduldig wachten: obsessief naar je telefoon kijken. Even het SG bekijken, app dicht en tien minuten later opnieuw controleren. Alsof de gist ondertussen misschien dacht: ze zitten weer te kijken, ik zal even opschieten. Aanvankelijk zag alles er goed uit. De vergisting kwam op gang en het SG daalde netjes, totdat het ergens halverwege ineens behoorlijk rustig werd. Dat vonden wij minder gezellig. Een vergisting die lijkt vast te lopen bij een van je eerste brouwsels is precies het soort gebeurtenis waarbij je binnen twintig minuten van “komt wel goed” naar “we hebben een heel vat bier vermoord” kunt gaan. We verhoogden daarom de temperatuur om de gist een zetje te geven en gelukkig kwam er weer beweging in. Bij een handmatige tussenmeting werd natuurlijk ook geproefd. Dat was het moment waarop we voor het eerst goed kennismaakten met de persoonlijke interpretatie van WLP720 van Tripel Karmeliet: brood en kruidnagel. Vooral die kruidnagel wist zichzelf bijzonder overtuigend te presenteren. Een Belgische tripel mag natuurlijk kruidig zijn, maar er bestaat een verschil tussen mooi Belgisch kruidig en heeft iemand hier de kruidenla omgestoten? Wij zaten ergens aan de verkeerde kant van die grens. Gelukkig bestaat er voor hobbybrouwers een universele geruststelling: hij is nog jong. Rare smaak? Hij is nog jong. Te scherp? Hij is nog jong. Een hoeveelheid kruidnagel waar een glühweinverkoper enthousiast van zou worden? Ook nog jong. Dus lieten we hem verder vergisten. Eén ding kon die gist wél En eerlijk is eerlijk: de zorgen dat WLP720 ermee zou ophouden bleken uiteindelijk onterecht. Toen hij eenmaal weer op gang was, ging hij ook door. Uiteindelijk kwamen we uit op een behoorlijk droog bier van ongeveer 8,8% alcohol. Dat was dus gelukt. We wilden een stevige tripel en we hadden een stevige tripel. Als bier alleen beoordeeld zou worden op alcoholpercentage, hadden we inmiddels waarschijnlijk een medaille gewonnen. Helaas moet je het ook nog drinken. Na de vergisting volgde de cold crash en het bier klaarde mooi op. Daarmee kwam de hoop weer een beetje terug. Misschien moest het gewoon tijd krijgen. Misschien zouden de smaken tijdens het rijpen mooi naar elkaar toe trekken. En dan kwam natuurlijk nog het koolzuur. Een goede Belgische tripel heeft dat heerlijke levendige karakter: een mooie schuimkraag, voldoende prik en een fris mondgevoel waardoor je bijna vergeet hoeveel alcohol erin zit. Dat zou hem vast redden. Dat deed het niet. Het moment van de waarheid Na het bottelen begon opnieuw het wachten, totdat eindelijk een fles open mocht. Geen hydrometer, geen RAPT-grafiek, geen berekeningen en geen voorspellingen meer. Gewoon een fles, een glas en onze smaakpapillen. De beugel ging open en meteen werd duidelijk dat Batch #2 nog één verrassing voor ons had bewaard: te weinig koolzuur. Natuurlijk. Want waarom zou na de bijzondere gistkeuze, onze overdekte kookketel en een vergisting die halverwege even vakantie nam, de carbonisatie ineens probleemloos verlopen? We schonken hem in en proefden. Het was bier. Het was sterk. Het was drinkbaar. Maar de zachte, frisse en fruitige Tripel Karmeliet die wij aan het begin van dit avontuur in ons hoofd hadden, was nergens te bekennen. Het broodachtige karakter was er nog, de kruidnagel eveneens en zonder voldoende koolzuur miste ook nog eens dat frisse, levendige karakter dat het bier misschien nog wat had kunnen optillen. Toen moesten we gewoon toegeven: dit is hem niet. Net Niet Karmeliet Over de naam hoefden we vervolgens niet lang na te denken. We hadden geprobeerd Tripel Karmeliet te klonen. Het was een tripel geworden, er zat flink alcohol in en daarmee hield ongeveer de vergelijking op. Net Niet Karmeliet beschreef het bier eigenlijk beter dan iedere creatieve biernaam die we zelf hadden kunnen verzinnen. Achteraf gezien is het misschien juist een van de belangrijkste bieren uit onze korte brouwgeschiedenis geworden. Niet omdat het zo goed was, maar omdat het dat niet was. Deze ene batch leerde ons hoeveel invloed gist werkelijk op een bier heeft, waarom het deksel tijdens het koken niet op de ketel hoort en hoeveel verschil goede carbonisatie maakt voor de uiteindelijke smaakbeleving. We ontdekten bovendien iets wat inmiddels bijna een vaste brouwersregel is geworden: goede cijfers betekenen niet automatisch goed bier. En ook onze verhouding met AI veranderde een beetje. We gebruiken AI nog steeds om mee te denken, dingen uit te rekenen, recepten te beoordelen en nieuwe ideeën uit te werken. Alleen is de rolverdeling inmiddels duidelijker. AI is niet onze meesterbrouwer. Het is meer die ontzettend enthousiaste derde brouwer aan tafel die over vrijwel alles een mening heeft, regelmatig met een uitstekend idee komt en af en toe voorstelt om een Sweet Mead/Wine Yeast in een Tripel Karmeliet te gooien. Vroeger zeiden wij dan: “Goed idee.” Tegenwoordig zeggen we eerst: “Leg eens uit.” Dat noemen we vooruitgang. Er moet een revanche komen Daarmee is het verhaal van Net Niet Karmeliet nog niet afgelopen. Juist omdat hij de eerste keer niet werd wat we wilden, willen we hem nog een keer brouwen. Niet door blind hetzelfde te herhalen en te hopen dat het universum deze keer vriendelijker voor ons is, maar met alles wat we inmiddels geleerd hebben. De volgende poging krijgt een gist die daadwerkelijk past bij het Belgische karakter dat we zoeken, de vergisting krijgt de aandacht die hij verdient en de carbonisatie moet deze keer wél dat mooie bruisende karakter opleveren. En er komt nog één belangrijke technische verbetering. Tijdens het koken mag de stoom voortaan daadwerkelijk de ketel verlaten. Het deksel blijft eraf. We begonnen Batch #2 met één eerder brouwsel, nul volledig geslaagde batches en voldoende zelfvertrouwen om een wereldberoemd Belgisch bier na te maken. We eindigden met twee brouwsels, een flinke verzameling nieuwe lessen en voor het eerst het besef dat bierbrouwen voor een behoorlijk deel bestaat uit fouten maken die je de volgende keer probeert niet opnieuw te maken. De opvolger heeft daarom voorlopig maar één logische werktitel: Nu Wel Karmeliet. Of dat lukt? Daar durven we inmiddels gelukkig geen voorspellingen meer over te doen. D&D Craft Beer — soms brouwen we bier. Soms brouwen we vooral ervaring.